vorm- en kleurkwaliteiten in de kunst
een fenomenologisch onderzoek naar het gebruik van vorm en kleur
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties
 
 
Beeldhouwkunst en schilderkunst - Vorm en Kleur
 
 
Op onderstaande foto zien we in het midden een magneet met daaromheen ijzervijlsel. De magnetische velden rond de magneet worden zichtbaar in het stralenpatroon dat zich aftekent in het ijzervijlsel.
 
De 'etherische en astrale krachtvelden' kunnen we op bijna eenzelfde manier zichtbaar maken, maar nu niet door ijzervijlsel maar door beeldende kunst.
De 'etherische vormkrachten' (de 4 elementen) zien we terug in de vormaspekten in de beeldhouwkunst en schilderkunst.
De 'astrale krachten' (= planeten) zien we terug in de vorm- en kleuraspekten van de beeldhouwkunst, maar vooral de schilderkunst.
 
 
                       
 
                            Saoudische kunstenaar Ahmed Mater                magneet met daaromheen ijzervijlsel
 
deze foto is opgenomen in een tentoonstelling in het British Museum dat gaat over de Hajj, de jaarlijks terugkerende bedevaart naar Mekka. Deze magneet lijkt op de Ka'ab, waaromheen duizenden moslims lopen. De Ka'ab wordt door de moslims gezien als het middelpunt van de wereld.
 
 
 
 
 
        Het onderscheid tussen vorm- en kleurkwaliteiten in de kunst
 
 
                                              
                                                     Michelangelo       Adam       detail uit plafondschildering
 
 
 
Vorm en kleur zijn twee totaal verschillende beeldende elementen.
 
 
Michelangelo
 
Vorm is bij uitstek een beeldaspekt dat we tegenkomen bij beeldhouwers. Als deze beeldhouwer dan ook nog eens gaat schilderen, dan zie je in het schilderwerk duidelijk meer plasticiteit, ruimtelijkheid, dat bereikt wordt
door het gebruik van licht/donker.
Een duidelijk voorbeeld van een beeldhouwer die ook schilderde is de Italiaanse kunstenaar Michelangelo. In al zijn schilderijen en fresco's zien we een heel duidelijke plastiek. Daaraan zie je dat daar een beeldhouwer aan het werk is. Goed voorbeeld is het bovenstaande detail uit de 'Schepping van Adam' in de plafondschildering in de Sixtijnse Kapel in Rome.
 
 
Picasso
 
Vorm kom je ook tegen bij geboren tekenaars, schilders die het schilderij opzetten vanuit de tekening. In het onderstaande voorbeeld zien we hoe Picasso eerst een helemaal uitgewerkte tekening maakt, om vervolgens deze in kleur uit te werken.
 
 
 
                        
                                    Pablo Picasso      Zittende harlekijn      tempera op linnen, 130x97 cm, 1923
 
 
 
 
Picasso maakt hier gebruik van een zgn. 'monochrome ondertekening' en schildert daarna pas de kleuren in. Zo'n onderschildering, -tekening ziet er uit als een beeldhouwwerk, een marmeren beeld, een levenloos, statisch, onbeweeglijk beeld. Dat ontstaat vooral door het gebruik van een lichtdonker, in dit geval met een arceertechniek. Dat Picasso meer tekenaar is dan schilder kunnen we zien in de ontwikkeling van zijn kunst rond de jaren 1907.
 
 
                               
 
 
We zien een zelfportret uit 1896, een uit 1906 en een uit 1907. In het eerste portret is de plasticiteit van de kop gemaakt door het licht/donker, in de tweede zijn de contouren van de vormen duidelijk aangegeven, en in de laatste zien we duidelijke lijnen, het is meer een tekening dan een schildering.
 
 
Carel Willink
 
In een 'monochrome-onderschildering' zijn de effecten van vorm nog groter. Een voorbeeld daarvan vinden we hieronder in het werk van de schilder Carel Willink.
 
 
                            
 
In bovenstaande eerste stap in het maken van een schilderij, zien we hoe Willink de voorstelling helemaal opgezet heeft als een tekening, met Oostindische inkt gemaakt. Het kopie is wat licht uitgevallen, maar de werkwijze is duidelijk.
 
 
                                      
 
                                     
 
                                     
 
                                      
 
 
                             
 
 
Carel Willink zette zijn schilderij op als een tekening met Oostindische inkt. Vervolgens werkte hij de voorstelling uit met monochrome, grijze tonen. Daarvan zijn hierboven drie stadia te zien. Het dekte daarna het geheel af met een doorschijnende schellak, waardoor het doek geen verf meer kan opnemen. Hierna schilderde hij met olievef in een 'nat-in-nat' techniek de voorstelling in kleur. Deze techniek wordt uitgebreid beschreven in een rubriek over Willink.
 
 
 
 
                               
 
 
 
Marc Chagall
 
Naast deze drie voorbeelden van een beeldhouwer, een tekenaar en een schilder, kun je ook kunstenaars noemen die echte 'coloristen' zijn. Een van hen is de schilder Marc Chagall. Zijn schilderijen zijn een en al kleur. Alle kleuren komen tot hun recht. Het is dan ook niet verwonderlijk dat deze kunstenaar zich heeft beziggehouden met de glas-in-lood techniek. Waarin de kleur bijna onstoffelijk wordt in het licht dat door het raam valt.
 
 
                                      
 
                                  
 
 
 
          .......aan deze tekst wordt op dit moment gewerkt ........
 
 
 
 
 
 
Kleurenleer bij Struycken,Itten, Kandinsky, Steiner, Ogden Rood, Chevreul, Goethe en Newton
         
 
 
Peter Struycken
 
Als leraar aan de Kunstacademie in Arnhem behandelde Peter Struycken zijn kleurenleer met de volgende begrippen: kleurtoon, helderheid en verzadiging. Daarmee kun je alle bestaande kleuren benoemen. In onderstaand schilderij van Struycken uit de jaren rond 1960 kunnen we deze begrippen verduidelijken.
 
 
                   
 
 
ROOD in zijn overgangen naar het GEEL zijn allemaal KLEURTONEN.
BLAUW, een KLEURTOON, is in een reeks vermengd met wit.
De HELDERHEID van de blauwen is verschillend, van donker naar licht.
Het BLAUW links is VERZADIGD, je kunt het niet blauwer maken.
Het BLAUW rechts is onverzadigd.
ROOD en GEEL, allebei VERZADIGD, hebben een verschil in HELDERHEID.
 
 
             .............. wordt nog verder uitgwerkt ...................
 
 
        
 
 
 
 
.............aan deze tekst wordt op dit moment gewerkt .....
 
 
Grisaille
 
Een onderschildering in monochrome tinten, licht/donker, wit en zwart, wordt ook wel 'grisaille' genoemd. Deze manier van schilderen werd veelvuldig toegepast door de oude meesters als bijv. Titiaan. Maar ook meer moderne schilders als Picasso, en bijv. Carel Willink maakten er gebruik van.
 
 
 
           
 
Een 'grisaille' werd oorspronkelijk gebruikt om een reliëf of een beeldhouwwerk weer te geven in een tweedimensionaal beeld. Een schitterend voorbeeld is het "Lam Gods" van Jan Van Eyck. Het altaarstuk hangt in de Sint-Baafskathedraal in Gent. Het werk stamt uit 1432. Als het altaarstuk gesloten is, zie je op de voorpanelen links en rechts de beide opdrachtgevers, Joos Vijdt en zijn vrouw, beiden in kleur uitgewerkt. Daar tussenin staan twee 'grisailles', voorstellend Johannes de Doper, links en rechts Johannes de Evangalist. 
 
 
                          
 
 
Het beeld van Johannes de Doper ziet er echt uit als een beeldhouwwerk, geen kleur, geen levensechte weergave, maar een afbeelding daarvan.
 
 
 
 
 
...... deze tekst wordt hierboven opgenomen in de tekst over kleur ....
 
Wassily Kandinsky                        Compositie Rood, Geel en Blauw                          1925
 
 
 
 
In dit schilderij van Kandinsky zien we het verschil in kwaliteit van de verschillende 'glanskleuren' (= zuivere kleurtonen).
 
Geel wordt toegepast zonder het af te grenzen. Het kan naar alle kanten uitstralen.
Blauw wordt begrensd toegepast. Het staat opgesloten in een cirkel.
Rood staat daar tussen in, in een vierkanten kruis toegepast.
 
Kandinsky past de kwaliteiten van de kleuren rood, geel en blauw toe in deze vrije compositie uit 1925
 
 
Lees meer...
Lijst met albums
Beeldhouwers

Stijlen, vormen en materialen

Schilders

Stijlen, vormen en kleuren, materialen

Categorieën
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl