vorm- en kleurkwaliteiten in de kunst
een fenomenologisch onderzoek naar het gebruik van vorm en kleur
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties
             
 
 


                                            
 
 
Carel Willink is na Marcel Duchamp, Man Ray, Max Ernst en Escher het vijfde voorbeeld van een surrealistisch kunstenaar.

Ik beschrijf achtereenvolgens: 

 - een korte biografisch schets, met de stijlontwikkeling binnen het werk van Willink,
 - de makrokosmische bijzonderheden daarin,
 - en een aantal schilderijen.
 
 
Carel Willink
 
Willink werd geboren op 7 maart 1900, in Amsterdam. Zijn vader was amateurschilder, die zijn zoon al vroeg stimuleerde om te gaan schilderen. Carel Willink maakte zijn eerste schilderij toen hij 14 jaar was. Hij ging studeren aan de Staatliche Hochschule in Berlijn, en aan de Internationale Vrije Academie van Hans Baluschek.
 
Abstrakte periode (1920-1923)
 
Willink experimenteerde met allerlei kunststromingen en stijlen van kunstenaars: Impressionisme, Vincent van Gogh, expressionisme van George Grosz en Otto Dix, collages in de stijl van Kurt Schwitters, en abstrakte vorm van werken als bij Kandinsky en het constructivisme. Willink maakte uiteindelijk volledig absrakt werk.
 
Kubistische periode (1923-1926)
 
Terug in Nederland ging Willink werken in de stijl van het kubisme en het fauvisme. Hieruit ontwikkelde hij een geheel eigen schilderstijl, een kubisme met figuratieve elementen.
 
Neoclassicistische periode (1926-1931)
 
In 1926 was Willink in Parijs en zag daar de neoclassicistische werken van Picasso, in een figuratieve stijl, met klassieke onderwerpen. Willink werkte een aantal jaren in deze schilderwijze.
 
Fantastisch of imaginair realisme (1931-1983)
 
Vanaf 1931 ontwikkelde Willink zijn realistische schilderstijl.
Op zijn rondreis door Italië in 1931 raakte hij geboeid door de klassieke beeldhouwwerken en de renaissance-architectuur. Hij zag het werk van Giorgio de Chirico.
Terug in Nederland schilderde hij het doek "Late Bezoekers aan Pompeï". Met dit schilderij werd de schilderstijl van Willink duidelijk en in deze stijl bleef hij tot aan zijn dood in 1983 schilderen.
Vaak wordt het werk gezien als een vorm van 'Magisch Realisme', maar Willink noemde het zelf 'Fantastisch of Imaginair Realisme'.
 
 
 
........ tekst wordt op dit moment nog verder aangevuld .................
........ afbeeldingen worden nog geplaatst .................
 
Techniek
 
Willink heeft kunnen constateren dat je op academies geen enkele scholing kreeg in de technische vaardigheden van het schilderen. In de jaren tussen 1927 en 1930 werkte hij verschillende handboeken over schildertechniek door, met name het standaardwerk van Doerner. In deze periode beoefende hij verschillende technieken, pastel, tempera en olieverf, bij wijze van oefening. Willink wilde "schilderijen maken, die technisch zo af waren, dat zij een tijd lang mee konden."
 
Bij het prepareren van zijn doeken gebruikte Willink een oud recept van 70 gram lijm op 1 liter water als basislaag waarmee het doek werd bestreken. Een papje uit lijmwater, krijt en zinkwit, in de verhouding 1:2:1 aangeroerd en met de gekookte lijnolie verrijkt, vormde de tweede laag, waarmee het doek 3 tot 4 keer, steeds kruislings over elkaar liggende richting, werd bestreken. Door dit procédé ontstond een volkomen glad draagoppervlak, waarop de onderschildering kon worden aangebracht.
 
Hieronder een voorbeeld van een schilderij, waaruit duidelijk wordt op welke manier Willink vanuit de onderschildering kwam tot het uiteindelijke resultaat.
 
 
         
 
         
 
        
 
        
 
         
 
 
Deze onderschildering ontstond in twee fasen: de eerste was een bepaling van de contouren in Oostindische inkt, waarbinnen dan de eigenlijke onderschildering werd ingevuld met caseïnetempera, waarbij eigeel als verzachter werd gebruikt. Deze onderschildering, in grijze en doorzichtige tonen gehouden, werd door de schilder eveneens zeer glad en dun uitgewerkt, na de voltooiing met schellak afgedekt, opdat het doek geen verf meer kon opnemen.
 
Op deze onderschildering werkte Willink dan zijn schilderij uit: hij kon in deze uitgewerkte voorstelling dan ook weinig meer veranderen.
 
De eigenlijke schildering, de laatste olieverflaag, werd in een 'nat-in-nat' techniek geschilderd, een proces dat een snelle vaardigheid vereiste die Willink op een virtuoze manier beheerste. Het resultaat was heel nauwkeurig en realistisch.
 
 
De werkwijze van Carel Willink
 
Willink heeft weinig gezegd over zijn manier van werken, de bronnen die hem inspireerden en hoe hij deze in zijn werk gebruikte. Hij heeft nooit zijn voorstudies en tekeningen getoond, omdat hij zichzelf geen tekenaar vond. Ook de foto's hield hij achter. Hij maakte ze als voorstudies voor zijn werk. Evenals het vele beeldmateriaal dat hij verzamelde bleef onzichtbaar. Willink heeft de boeken, tekeningen, foto's en ander documentatiemateriaal altijd zorgvuldig bewaard.
Nu hij overleden is, in 1983, komt deze informatie naar buiten, en maakt het ons mogelijk zijn gevolgde werkwijze te zien en te begrijpen. Duidelijk is dat de door hemzelf gemaakte foto's exakt terug te vinden zijn in de schilderijen. In zijn atelier had hij een donkere kamer waar hij zijn foto's zelf kon afdrukken.
 
We zien hieronder een voorbeeld hoe één enkele foto, zo groot als hij ze wilde hebben, werd afgedrukt op verschillende formaten, waarna hij  deze foto's als een collage samenvoegde en vóór een gekozen achtergrond
plaatste. Op deze manier bereidde hij zijn schilderijen minitieus voor.
 
 
 
 
 
            Carel Willink maakt enkele foto's van het model Sylvia, zijn latere vrouw
 
                 
                        één foto werd daaruit gekozen als model voor zijn schilderij
 
 
deze foto werd op grote vellen fotografisch papier afgedrukt in de eigen donkere kamer
om vervolgens weer als een collage in elkaar te passen tot één geheel
 
 
het bronnenmateriaal dat Willink verder gebruikte was een foto van het Tivoli, bij Rome,
een foto van de "Slangenvrouw" uit de tuin van Bomarzo, en een foto van een boom.
 
deze voorstellingselementen werden als een collage op elkaar gelegd en als schilderij uitge-
voerd, waarbij het niet duidelijk of de collage (boven) dezelfde grootte had als het
uiteindelijke schilderij (hieronder). 
 
    Op dit schilderij zien we het model terug als op de foto, de boom, het Tivoli, en de zgn.
    Slangenvrouw, uit de tuinen van Bomarzo.
 
 
De Tekenaar
 
Willink heeft van jongs af aan getekend. Enkele voorbeelden laten zien hoe hij naar de waarneming tekende. We zien een schetsboekje met anatomische tekeningen uit de periode dat Willink Medicijnen studeerde. En een enkele tekening van een zgn. kruisbloem, gemaakt tijdens zijn studie aan de Technische Hogeschool in Delft.
 
 
          
 
                        
 
 
In zijn latere werk als schilder zijn de tekeningen altijd bedoeld als voorstudies. Elk schilderij is als tekening begonnen. De volgende voorbeelden laten dat uitstekend zien.
 
 
 
 
We zien een foto van zijn atelier, met op de achtergrond een schilderij, waaraan Sylvia werkte. Op de voorgrond ligt een anatomische tekening  naar het model Sylvia. Hieronder zien we hoe Willink tot deze tekening kwam. Hij mat elke verhouding exakt op, en construeerde zo deze voorstudie.
 
 
            
 
 
Op basis van deze voorstudies ontstond onderstaand schilderij, eerst als onderschildering, later definitief in de kleur.
 
 
 
 
              
               Carel Willink               Sylvia, naakt in stoel gezeten                          1976
 
 
 
De Fotograaf
 
In de nalatenschap van de schilder bevinden zich talloze foto's die in zijn schilderijen zijn gebruikt als 'beeldmateriaal'. Het zijn meestal foto's die hij zelf maakte van zijn modellen en van de gebruikte architecturale achtergronden binnen zijn schilderijen. In zijn atelier had Willink een eigen donkere kamer, waarin hij zijn foto's afdrukte. Vaak op grote formaten zodat hij deze foto's in zijn composities kon opnemen.
 
 
          
 
      
 
 
Willink heeft ooit toegegeven dat hij foto's gebruikte ter voorbereiding van zijn schilderijen, maar zei daaropvolgend dat hij ze nooit bewaarde. Willink stond namelijk wat huiverig tegen het naar buiten brengen van dit materiaal uit vrees, dat zijn critici daarin een bevestiging zouden zien van hun kritiek, dat Willink een 'plaatjesschilder' zou zijn.
 
De foto's laten een groot aantal onderwerpen zien, als "vergezichten over landschappen en steden, luchten, verlaten straten en opmerkelijke gebouwen, oude tuinbeelden en later ook, exotische dieren, archeologische  vindplaatsen en de beelden in Bomarzo."
 
 
 
 
 
Het atelier van de schilder
 
Het atelier bevond zich boven het woonhuis aan de Ruysdaelkade in Amsterdam. Het keek uit op het Rijksmuseum en op de monunmentale huizen aan de Weteringschans. Hier stonden de portefeuilles met zijn tekeningen, schetsjes, foto's, knipsels, documenten en manuscripten.
 
 
Mythe-vorming, Mens en Kunstenaar
 
Rond de figuur Carel Willink is in de loop der jaren een mythe ontstaan, rond zijn vermeende levenswijze en zijn manier van werken. Hierdoor werd Willink bekend aan een opmerkelijk groot publiek, dat zijn artistieke waarde vooral lijkt af te meten aan de prijzen, die voor zijn schilderijen werden betaald, en zijn werk vooral bewondert om zijn keuze voor het realisme.
 
Schilders en critici leverden na de Tweede Wereldoorlog veel kritiek op zijn realisme en op zijn manier van werken en zijn gebruik van oude schildertechnieken.
 
Toch heeft Willink in het begin van zijn schildersloopbaan veel belangstelling getoond voor al wat nieuw was in de kunst, Hij toonde zich enthousiast over de werken van Cézanne, Kandinsky, Chagall, Van Dongen, en Diego Rivera.
 
In Berlijn verwisselde hij al snel van academie, van de conservatieve Staatliche Hochschule naar de veel vrijere schilderschool van de schilder Hans Baluschek.
 
In de jaren '20 wisselde Willink na elke twee, drie of vier doeken van stijl. Hij stond daarin niet kritiekloos ten opzichte van de nieuwe stromingen. Hij stelde zich vragen bij het werk van de kunstenaars van de groep "Die Brücke".
 
Carel Willink werkte graag en veel op zijn atelier aan de Ruysdaelkade. Hij ging wel uit, maar gaf de voorkeur aan het huiselijk leven. Willink had een literaire belangstelling, hij las veel. Hij was bekend met de schrijvers Cola Debrot, Adriaan Roland Holst, Ed Hoornik, de jonge Gerard Reve, Simon Carmiggelt, Eddy du Perron.
 
 
 
.... aan deze tekst wordt nog gewerkt.....
 
 
De vrouwen in het leven van Carel Willink
 
     
 
Mies van der Meulen
 
Willink trouwde met Mies van der Meulen in 1926. Wilma bleef werken als onderwijzeres, verdiende dus de kost, Willink kon blijven schilderen. Willink heeft Mies als model genomen voor zijn schilderijen Ariadne en De semafoor, beide uit het jaar 1926. Willink maakte daarvoor enkele foto's die hij exakt overnam in zijn werk.
Om Mies niet herkenbaar in beeld te brengen, veranderde hij het gelaat.
 
Het huwelijk hield maar twee jaar stand. In 1928 koos Mies voor de kunstcriticus Rijn Blijstra.
 
 
 
Wilma Jeuken
 
In 1930 leerde Willink Wilma Jeuken kennen (geboren 29 april 1905 in Amsterdam). Op 20 september 1933 huwde Willink met Wilma. Hij zou haar elf maal schilderen. Wilma overleed op 25 april 1960, 55 jaar oud, aan een hersenbloeding
 
 
 
Mathilde Willink
 
Deze jonge vrouw werd geboren op 7 juli 1938 in Terneuzen. Zij trouwde met Willink op 17 februari 1969. Over Mathilde heeft Willink het volgende gezegd: "Het eerste wat ik haar gaf, was een behoorlijke jas, daarna volgden de jurkjes van Dick Holthaus, en na een show van hem kon ik voor zeshonderd gulden  - een koopje - een prachtig parelhesje meenemen, waarin ik haar heb geportretteerd in 1963. Mathilde bezat weinig kleren toen ze bij me kwam - meest nog van smakeloze snit - en ik vond het in het begin leuk haar te verwennen."
 
"In die jaren werd gezegd: 'Die Willink moet altijd zo nodig met zijn jonge vrouw op de foto', maar het was Mathilde die geen kans voorbij liet gaan zich via mij aan de anonimiteit te onttrekken. Eerst met of via mij, later, toen ze haar image eenmaal had opgebuwd, zonder mij. Mijn bekende naam, mijn exposities, mijn succes, het steeg niet mij maar háár naar het hoofd. Ik, die de hele maskerade betaalde, doorbrak tenslotte deze vicieuze cirkel."
 
Mathilde Willink is vooral bekend geworden door de schitterende jurken van de mode-ontwerpster Fong Leng.
 
In 1975 ontlaadde de sfeer in een razende ruzie, waarin Mathilde enkele schilderijen van Willink aan flarden sneed, waaronder zijn geliefde portret van Wilma, zijn eerdere vrouw. Mathilde was altijd jaloers  geweest op deze vrouw. Mathilde wilde dat Willink dat schilderij zou verkopen.
 
Deze daad werd de uiteindelijke breuk tussen Mathilde en Willink.
 
 
 
Sylvia Quiël
 
In 1975 ontmoette Willink Sylvia Quiël. Zij kwam al snel bij hem wonen op de Ruysdaelkade. Sylvia Quiël is geboren op 25 maart 1944 in Amsterdam. Zij was zelf ook schilder en beeldhouwer. Willink en zij schilderden  elkaar, poseerden over en weer.
 
...wordt nog verder aangevuld .........................
 
 
 
 
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
 
Makrokosmische elementen
 
In het onderzoek is gebleken dat de "vormkrachten" (= planeetaspecten) tijdens de prenatale ontwikkeling en de progressies daaropvolgend, van betekenis zijn voor de artistieke ontwikkeling van een kunstenaar.
In het onderzoek is gekeken naar planeetaspecten in:
- de prenatale ontwikkeling,
- het kosmogram, en de progressies daarin,
- en de transits, de actuele planeetbewegingen.

Kosmogram

Bij Willink is vooral het kosmogram belangrijk, omdat hij geboren is bij een samenstand van Maan, Pluto en Neptunus.
Deze planetenstand Pluto/Neptunus komt veel voor bij surrealistische kunstenaars, als Man Ray, Max Ernst, M.C. Escher, Magritte, Tanguy, Salvador Dali, e.a.  
 
 
 
 
 
 
In combinatie met de vele aspekten met Saturnus in de prenatale ontwikkeling geeft dat het typische surrealistische werk aan, dat Willink maakte: een ver doorgevoerd realisme (= "vormkracht" van Saturnus), met daarin geplaatst een aantal vreemde elementen (= "vormkracht" van Neptunus-Pluto), vaak onder dramatisch vormgegeven luchten.
 
Zon conjunct Mars
 
Een van de opvallende planeetaspekten in het kosmogram is de samenstand van de Zon met Mars, net onder de Horizon. Deze samenstand geeft bij beeldend kunstenaars een sterke aandacht voor het tekenen, voor de lijn, voor de contour. Willink zette zijn schilderijen altijd op vanuit de tekening, om het vervolgens in een grijze onderschildering uit te werken, waarna het in een 'nat-in-nat' techniek in kleur werd uitgevoerd. Deze grote aandacht voor het tekenen is bij Willink al van jongs af aan aanwezig.
 
 
 
 
Prenatale ontwikkeling
 
................wordt op dit moment uitgewerkt .................
 
 
Het hieronder geplaatste overzicht laat zich gemakkelijk verklaren:

 - links de prenatale ontwikkeling, het moment van conceptie ligt op 7 juni 1899.
 - in het midden de progressieve planeetaspecten, met daarin de aspekten van Maan en Venus met de Neptunus-Pluto conjunctie.
 - rechts staan de belangrijkste transits, met enkele biografische bijzonderheden en schilderijen.

Deze drie vertikaal geplaatste kolommen van data staan horizontaal in leeftijd/jaar op elkaar afgestemd. 
Het is daardoor mogelijk om voor één bepaald levensjaar te zien wat daar aan planeetaspecten speelde.

 
 
 
Pluto-Neptunus conjunctie

In de jaren 1885 tot 1905 liepen Pluto en Neptunus in een conjunctie met elkaar. In deze periode ontstond het Symbolisme in de kunst en werden belangrijke surrealistische kunstenaars geboren: Giorgio de Chirico (1888), Man Ray (1890), Max Ernst (1891), Juan Miró (1893), Raul Hynckes (1893), Paul Eluard (1895), André Breton (1896), Delvaux (1897), Aragon (1897), Magritte (1898), Brassaï (1899), Tanguy (1900), Louis Bunuël (1900), Carel Willink (1900), Salvador Dali (1904).
Fenomenologisch onderzoek naar voorbeelden in de kunst heeft aangetoond dat de verbeeldingskracht in de kunst een enorme stimulans kreeg door genoemde kunstenaars, dat is toe te schrijven aan een "vormkracht" die gemaakt wordt door deze genoemde Pluto/Neptunus conjunctie bij elke individuele kunstenaar.
Carel Willink is daar een goed voorbeeld.
Met een eigen vormkracht (een Maan, Pluto, Neptunus) geboren,  en in zijn artistieke werk uitgedrukt, geeft Carel Willink uitdrukking aan deze "tijdgeest".

Maan, Venus, Pluto, Neptunus, en Saturnus

De veelheid aan planeetaspecten laat zich begrijpen door de accenten die er liggen op het vlak van de "surrealistische verbeeldingskracht" (Maan,Venus,Pluto, Neptunus in de geboortestand en de progressies daaropvolgend) en het ver doorgevoerde realisme (de "vormkracht" van Saturnus in de prenatale ontwikkeling van Carel Willink).



 
 
  Enkele voorbeelden van de schilderijen van Willink
                   Abstrakte periode (1920-1923)
 
 
                                            
                                            Willink      Abstrakt schilderij      1923
 
 
 
                 Kubistische periode (1923-1926)
 
 
          
           Carel Willink                                Zilveren bruiloft                                          1924
 
 
 
                   Magisch Realisme (1931-1983)
   
 
 
Carel Willink                        Late bezoekers aan Pompeï                                        1931
 
 
 

  
  Carel Willink                                    Simeon, de zuilheilige                                           1939
 

 
 
 Carel Willink                               Het omgevallen beeld                                                   1942 
 
 
 
     
      Carel Willink                            Onnodige getuigen, Bomarzo                                        1965
   
 

    
     Carel Willink              Vrouwenfiguur in een landschap (Bomarzo)                       1966
 
 

      
    Carel Willink                        portretten van de heer en mevrouw H.                      1969-1970
 
 
 
                   
                    Carel Willink                     portret Mathilde Willink                          1975
                                         in een jurk van de mode-ontwerpster Fong Leng
 
 
 
                   
                    Carel Willink                           portret van Rik                                  1976
 
 
 
  
   Carel Willink                                           rustende dryade                                                   1977
 
 
 
    
   Carel Willink                                           rustende Venus                                                      1978 
 
                 
































Lees meer...
Lijst met albums
Beeldhouwers

Stijlen, vormen en materialen

Schilders

Stijlen, vormen en kleuren, materialen

Categorieën
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl