vorm- en kleurkwaliteiten in de kunst
een fenomenologisch onderzoek naar het gebruik van vorm en kleur
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties
 
                
 
                Carl Gustav Jung
 
 
Carl Gustav Jung is de grondlegger van de analytische psychologie. Geboren op 26 juli 1875 in Kesswil, Zwitserland, studeerde hij vanaf 1895 medicijnen, en ging zich wijden aan psychiatrie. Hij slaagde voor zijn artsexamen en promoveerde in 1902 op een proefschrift over psychologie en pathologie van zogenaamde occulte verschijnselen.
Aanvankelijk werkte Jung als psychiater in een kliniek in Zürich. Vanaf 1909 vestigde hij zich als zelfstandig psychiater en legde zich meer toe op zijn psychoanalytische benadering.
Al in 1907 ontmoette Jung de grote pionier van de psychoanalyse, Sigmund Freud, waarna hij enkele jaren intensief met hem samenwerkte. Al vanaf dit eerste begin had Jung zijn twijfels over Freuds denkbeelden dat neurosen allemaal te herleiden zouden zijn tot seksuele verdringing of seksuele trauma's. Uiteindelijk kwam het in 1913 tot een breuk tussen Jung en Freud.
 
Het grote verschil tussen Jung en Freud gaat over de funktie van het begrip libido, een algemene levensdrang.
Jung omschreef het in zijn boek 'Wandlungen und Symbole der Libido' als een psychische energie van een hoogst religieuze inhoud. Freud bleef vasthouden aan zijn theorie van verdrongen seksualiteit.
 
Het wezen van de persoonlijkheid wordt volgens Jung niet alleen gevormd door het persoonlijke bewustzijn maar vooral door het collectief onbewuste. Op basis van dit collectief onbewuste komt Jung op zijn archetypen, dat verschillende mogelijkheden biedt om je als mens te ontwikkelen. Zij drukken zich uit in beelden die te vinden zijn in dromen, sprookjes en mythen.
 
Het collectief onbewuste zoals Jung dat geïntroduceerd heeft, laat zich vergelijken met dat wat Steiner onder 'akasha' verstaat, en met het  'etherisch dubbel' zoals Gijsbert van der Zeeuw dat heeft genoemd.
 
 
Synchroniciteit
 
In zijn boek "De scheppende mens, Wetenschap en kunst als uiting van de geest" schrijft Jung over zijn kennismaking met Richard Wilhelm, de sinoloog. Wilhelm heeft een groot deel van zijn leven doorgebracht in China, en heeft een grote kennis verkregen van de Chinese cultuur. Wilhelm heeft de 'I Ching' vertaald en de inhoud daarvan toegankelijk gemaakt voor het westen.
 
In een 'Herinnering aan Richard Wilhelm' schrijft Jung het volgende:
 
"Een paar jaar geleden heeft de toenmalige voorzitter van de British Antropological Society me gevraagd hoe ik het kon verklaren dat een geestelijk zo hoogstaand volk als de Chinezen geen wetenschap had voortgebracht. Ik heb daarop geantwoord, dat dat gezichtsbedrog moest zijn, omdat de Chinezen een 'wetenschap' bezaten, waarvan het standaardwerk de 'I Ching' was, maar dat het principe  van die wetenschap, zoals zoveel meer in China, volkomen verschilde van 'ons' wetenschappelijk principe.
 
De wetenschap van de 'I Ching' berust namelijk niet op het causaliteitsbeginsel, maar op het beginsel dat tot dusver geen naam heeft gekregen, omdat het bij ons niet voorkomt, en dat ik voorlopig heb aangeduid als het 'synchronistische principe'. Mijn werk op het gebied van de psychologie van onbewuste processen heeft me al jaren geleden genoodzaakt te zoeken naar een ander verklaringsbeginsel, omdat het causaliteitsbeginsel me niet in staat leek bepaalde merkwaardige verschijnselen in de psychologie van het onbewuste te verklaren. Ik ontdekte namelijk al gauw dat er psychologisch parallel verlopende verschijnselen zijn, die causaal geen enkele relatie met elkaar hadden, maar in een andere relatie van gebeuren tot elkaar moesten staan. Het leek me dat die relatie wezenlijk in het feit van de 'relatieve gelijktijdigheid' lag, vandaar de term 'synchronistsisch'.
Het lijkt namelijk alsof de tijd niets minder dan een abstractum, maar veeleer een concreet continuüm is, dat kwaliteiten of fundamentele voorwaarden bevat die zich relatief gelijktijdig op verschillende plaatsen in een causaal niet te verklaren parallellie kunnen manifesteren, zoals bij voorbeeld wanneer identieke gedachten, symbolen of psychische toestanden gelijktijdig optreden.
Een voorbeeld van synchronisme van het grootste formaat zou de astrologie zijn als die over doorlopend geverifieerde resultaten beschikte. Maar er zijn toch in ieder geval enige voldoende geverifieerde en door  omvangrijke statistieken versterkte feiten die de astrologische probleemstelling waardig lijken te maken voor filosofische beschouwing. (Van psychologische waardering is ze zonder meer verzekerd, want de astrologie is de som van alle psychologische ontdekkingen van de Oudheid.)"
 
 
Synchroniciteit in astrologische data is anno 2011 een gegeven, dat zich steeds opnieuw laat vaststellen.
Als Jung zich afvraagt of astrologie voldoende geverifieerde resultaten zou hebben, dan is dat 80 jaar na het doen van deze uitspraak, zeker het geval.
Jung deed deze uitspraak tijdens een toespraak op een bijeenkomst, op 10 mei 1930 in München ter herinnering aan Richard Wilhelm die op 1 mei van dat jaar gestorven was. 
 
Deze site 'astroarts' laat een groot aantal geverifieerde resultaten zien. Het toont een klein gedeelte van een veel uitgebreider onderzoek naar het verband tussen makro- en mikrokosmische data. Dit onderzoek  strekt zich uit over een periode van 1982 tot heden.
En als we kijken naar bijv. het statistisch onderzoek van Michel Gauquelin, dan is de vraag van Jung naar geverifieerde resultaten zeker met een ja te beantwoorden. Gauquelin bestudeerde 60.000 geboortedata, in de
periode van 1955 tot 1991.
 
 
Persoonlijk onbewuste en Collectief onbewuste
 
In het proces van zelfverwerkelijking of individuatie onderkent Jung naast het 'ik' het 'zelf': een totaliteit om het 'ik' heen die zowel het bewuste als het onbewuste deel van de persoonlijkheid omvat. Dit onbewuste deel, het persoonlijk onbewuste, staat in contact met de dieperliggende laag van het collectief onbewuste. Het persoonlijk onbewuste is een verbijzondering van dit collectief onbewuste, een bovenlaag. Het collectief onbewuste is in principe onbegrensd.
 
 
zintuiglijke wereld ---------------- mens -----------------wereld van de geest
 
zintuigen  ------->   bewustzijn  ------->   persoonlijke  ------->   collectief
waarnemingen                                         onbewuste                 onbewuste
 
                                       <--------------   herinneringen
                                       <---------------------------------   dromen
                                       <------------------------------------------   gedachten
                                       <------------------------------------------   inspiratie
                                       <-----------------------------------------   archetypen
 
 
In het boek "De mens en zijn symbolen" beschrijft Jung de onderlinge betrekkingen tussen bewustzijn, persoonlijk onbewuste en collectief onbewuste.
 
"Net zoals bewuste inhouden in het onbewuste kunnen verdwijnen, kunnen echter ook nieuwe inhouden, die nog nooit bewust waren, hieruit opstijgen. .... De ontdekking, dat het onbewuste niet alleen maar een  opslagplaats voor het verleden is, maar ook vol kiemen voor toekomstige psychische situaties en gedachten zit, bracht mij tot mijn nieuwe benadering van de psychologie. Rond dit punt zijn veel polemische discussies ontstaan. Het is echter een feit, dat naast herinneringen uit een ver verwijderd bewust verleden ook geheel nieuwe gedachten en scheppende ideeën uit het onbewuste te voorschijn kunnen komen - gedachten en ideeën, die tevoren nog nooit bewust waren. ..... Wij zien dit in het dagelijks leven, waar dilemma's soms door de meest verrassende nieuwe voorstellen opgelost worden. Veel kunstenaars, filosofen en geleerden danken een aantal van hun beste gedachten aan inspiraties, die plotseling uit het onbewuste verschijnen. ..... Wij kunnen in de geschiedenis van de wetenschap zelf duidelijke bewijzen voor dit feit vinden. De Franse wiskundige Poincaré en de scheikundige Kekulé danken (zoals ze zelf toegeven) belangrijke wetenschappelijke ontdekkingen aan plotselinge, in beeldvorm optredende 'openbaringen' van het onbewuste."
 
 
Kekulé was een scheikundige die zich bezighield met de organische chemie. In een droom zag hij de ringvormige atoomstruktuur van benzeen, welke ontdekking een doorbraak was in de verder ontwikkeling van de cyclische koolwaterstoffen.
 
Uit bovenstaand fragment kunnen we opnieuw afleiden dat het collectief onbewuste niet alleen verleden kan reproduceren maar ook naar de toekomst feiten kan openbaren. Het komt daarin wel heel bijzonder overeen met wat Gijsbert van der Zeeuw uitspreekt over het 'etherische dubbel' van een mens dat inzicht kan geven in verleden én toekomst.
 
In de vele voorbeelden die Jung geeft over dromen zien we, dat deze dromen wel heel erg bepaald zijn door zijn psycho-analytische praktijk. Het zijn dromen van zijn patienten, die toch veelal bepaald zijn door problemen van psychische aard. Uitleg daarvan is daarom meestal van symbolische aard. Ervaring leert dat er ook dromen zijn die toekomstige situaties aanduiden, met de eigen leefwereld te maken hebbend, maar net zo goed een meer algemene strekking kunnen hebben, als bijv. een bankencrisis.
 
 
Archetypen
 
Archetypen zijn 'ervaringsmodaliteiten' die de persoonlijkheid van de mens structureren. Het zijn mogelijkheden om je te ontwikkelen.
 
......wordt nog verder uitgewerkt.....
 
 
 
 
 
 
Psychologische typen
 
Jung benoemde vier basistypen van de persoonlijkheid. Hij stelde steeds twee contrasterende funkties tegenover elkaar: denken en voelen, waarneming en intuïtie. Jung zag deze vier basistypen geplaatst op een cirkel, dat het 'zelf' symboliseert. Eén van de basistypen is dominant daarin. Verder kan de psyche naar binnen (introvert) of naar buiten (extravert) gericht zijn.
 
Deze vier basistypen komen overeen met de vier temperamenten, die op hun beurt weer te vergelijken zijn met de vier elementen die we terugvinden in de Dierenriemtekens. Eveneens geplaatst in een cirkel, en in oppositie met elkaar, waarbij het extravert en introvert zijn samenvalt met het positief en negatief van een teken.
 
        
                positief    negatief    positief    negatief    positief    negatief
 
vuur           Ram                        Leeuw                 Boogschutter
aarde                         Stier                        Maagd                    Steenbok
lucht       Tweeling                 Weegschaal              Waterman
water                        Kreeft                   Schorpioen                  Vissen
 
 
 
In het boek "de mens en zijn symbolen" schrijft heel beeldend over deze typologie:
 
"Ik ben altijd sterk onder de indruk geweest van het feit, dat er een verrassend groot aantal mensen bestaat die hun verstand nooit gebruiken, wanneer zij het vermijden kunnen, en een even groot aantal die hun verstand wel gebruiken, maar dat op een verbazend domme manier doen. Het verwonderde mij ook, dat ik veel intelligente en pientere mensen vond, die (voor zover men kon merken) leefden, alsof zij nooit geleerd hadden om hun zintuigen te gebruiken. Zij zagen de dingen, die vlak voor hun ogen waren, niet. Zij hoorden de woorden niet, die in hun oren klonken, of merkten de dingen niet op, die zij aanraakten of proefden. Sommigen onder hen leefden zonder zich van de toestand van hun lichaam bewust te zijn.
Er waren anderen, die in een zeer merkwaardige toestand van bewustheid schenen te leven. Het was, alsof de situatie, waarin zij zich op dat ogenblik bevonden, iets definitiefs was, zonder mogelijkheid tot verandering,
of alsof de wereld  en de psyche statisch waren en dit altijd zouden blijven. Het leek, alsof zij volkomen van alle fantasie verstoken waren. Zij waren volkomen en uitsluitend van hun zintuiglijke gewaarwordingen afhankelijk. In hun wereld bestonden geen vooruitzichten en mogelijkheden en in het 'heden' bestond geen werkelijk 'morgen'. De toekomst was alleen maar een herhaling van het verleden.
Ik probeer mijn lezer hier in het kort te laten zien, wat mijn eerste indrukken waren, toen ik de vele mensen, die ik ontmoette, begon te observeren.
.....
Deze vier functionele typen beantwoorden aan de meest voor de hand liggende middelen, waarmee het bewustzijn zich tegenover de ervaring oriënteert. De 'gewaarwording' (d.w.z. de zintuiglijke waarneming) vertelt ons, dat iets bestaat; het 'denken' vertelt ons, wat het is; het 'gevoel' vertelt ons of het al of niet aangenaam is; en de 'intuïtie' vertelt ons, waar het vandaan komt en waarheen het gaat."
 
 
 
 
.....deze tekst wordt nog aangevuld .....
 
 
 
 
 
Alchemie
 
Jung heeft de geschriften van de alchemisten bestudeerd, waaronder die van Paracelsus. Hierin vond hij de beelden die ook voorkwamen in de voorstellingen van zijn patiënten.
 
.......wordt nog verder uitgewerkt.......
 
 
 
Mandala van een modern mens
 
Jung tekende onderstaande Mandala (sanskriet = cirkel) in 1916, in periode waarin hij zich had losgemaakt van de psychoanalyticus Sigmund Freud en zijn eigen weg zocht.
Deze mandala (systema mundi totius - stelsel van de gehele wereld) brengt de tegenstellingen binnen de mikrokosmos en de makrokosmos (mundus exterior maior) in beeld.
Jung geeft enkele vingerwijzingen die de opbouw verduidelijken van de mandala en de betekenis van de symbolen en figuren, die meestal met hun latijnse, soms met hun griekse namen worden aangeduid.
 
 
 
 
Boven staat de gestalte van de knaap in het gevleugelde wereldei Erikapaios of Phanes, bekend uit de orphische mysteriën.
Als duistere tegenspeler staat tegenover hem (beneden) Abraxus, de heer van de fysische wereld (dominus mundi). Uit de boom des levens (vita), geflankeerd door een engerling als teken van dood en wedergeboorte (mors et vita futura - dood en toekomstig leven) en een duivels monster.
Jung geeft als bijschriften: corpus humanum (menselijk lichaam) et dus monos ..... ? et mundi interiores minoresque (innerlijke en kleinere werelden), daemones (demonen).
Zes sterren in de sfeer van Abraxes dragen het bijschrift dii (goden), waarop Jung geen commentaar geeft; waarschijnlijk zijn hiermee kleinere 'goden', volksgeesten e.d. bedoeld.
Tegenover de levensboom staat boven een 'lichtboom' in de vorm van een zevenarmige luchter met de aanduiding ignis (vuur) en eros (liefde).
Zijn licht richt zich op de geestelijke wereld van het goddelijke Kind.
Bij deze geestelijke wereld horen ook kunst (ars), voorgesteld als een gevleugelde slang en wetenschap (scientia) als gevleugelde (gaten-knagende) muis verbeeld.
De luchter is gebaseerd op het geestelijke getal drie - tweemaal drie vlammen met een grote vlam in het midden. Daarentegen wordt de wereld van Abraxas gekenmerkt door het getal van de lichamelijke mens: vijf - zijn ster  heeft tweemal vijf punten.
In horizontale zin geeft de mandala naar links gericht een halve cirkel die de lichamelijkheid of het bloed aangeeft: calor s. amor naturalis (warmte of natuurlijke liefde); naar rechts een halve cirkel die wijst naar het rijk van het licht: frigus s. amor dei (koude of liefde Gods).
Uit de duistere halve cirkel komt de slang (diabolos: duivel) die zich om een dubbel fallisch symbool windt. Het is licht en donker en richt zich op de donkere wereld van de aarde (mater natura s. terra: moeder natuur of moeder aarde), de maan (dea luna: godin-maan) en de leegte (inane). De sfeer is duister (satanus: satan).
De rechter halve cirkel richt zich naar het licht en de volheid (plenam): de duif als symbool van de Heilige Geest (Spiritus sanctus), de dubbele beker waaruit de Sophia (wijsheid) vloeit (mater coelistis: hemelse moeder) en de deus sol (zon-god). Deze vrouwelijke sfeer is die van de hemel (coelum).
De stralenkrans binnen de halve cirkels calor en frigus stelt een innerlijke zon voor. Daarbinnen wordt de makrokosmos herhaald, waarbij boven en beneden verwisseld zijn. Dit herhaalt zich oneindig vaak tot het binnenste centrum, de eigenlijke mikrokosmos wordt bereikt.
 
 
 
Geraadpleegde literatuur
 
Jung  De scheppende mens, Wetenschap en kunst, als uiting van de geest.
             Uitgeverij Lemniscaat, Rotterdam, 1972
Jung c.s  De mens en zijn symbolen
             Uitgeverij Lemniscaat, Rotterdam, 1966
Jung   Synchroniciteit, als beginsel van acausale samenhangen
             Uiteverij L.J. Veen, Amsterdam
Jung   Beelden uit mijn leven
             Uitgeverij Lemniscaat, Rotterdam, 1977
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Lees meer...
Lijst met albums
Beeldhouwers

Stijlen, vormen en materialen

Schilders

Stijlen, vormen en kleuren, materialen

Categorieën
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl