vorm- en kleurkwaliteiten in de kunst
een fenomenologisch onderzoek naar het gebruik van vorm en kleur
Filosofen; Plato en Aristoteles
 
 
        
 
             Plato en Aristoteles
 
 
De filosoof Plato (geboren 427 v. Chr.) sprak in zijn tijd al over een drieledigheid van de mens, over de menselijke ziel, die ontstaan is door inwerking van een geest op een lichaam.
Het is het onsterfelijk deel van onszelf, onze geest, dat bij elke volgende belichaming, inkarnatie een verbinding aangaat met een stoffelijk lichaam, en in die interaktie een ziel vormt.
Deze interaktie tussen geest en lichaam, tussen vorm en stof zoekt zich vier 'vorm'gebieden, vier 'lichamen' waarin zij kan bestaan:
 - het mentale gebied,
 - het ziele gebied,
 - de vormkrachten
 - en het stoffelijke gebied.
 
In onderstaand schema laat zich dat als volgt tekenen:
 
 
 
 
 
Uitspraken over een 'ziel' en de vierledigheid in de opbouw van het menselijk organisme vinden we ook reeds bij Aristoteles (geboren 384 v. Chr.). In zijn 'Physika' (8 boeken) schrijft hij over een 'ziel', die het lichaam beweegt en vormt. Deze ziel wordt door hem 'entelechi' genoemd. Ons lichaam is daarbij het werktuig (Grieks: órganon) van deze ziel.
 
Over deze vierledigheid van het menselijk organisme en zijn verhouding tot de overige natuurrijken spreekt Aristoteles zich als volgt uit:
 
"Boven de fysiek, minerale wereld wordt de onderste trap van de organische natuur ingenomen door de planten, hun levensfuncties zijn voeding en voortplanting. Bij de dieren komt daarbij het vermogen tot zintuigelijke waarneming en plaatsverandering, bij de mens nog bovendien de gave van het denken."
 
Aristoteles onderscheidt dus, boven de levenloze, dode minerale natuur drie soorten van zielen, de voedende of plantenziel, de voelende of dierlijke ziel, en de denkende of menselijk ziel.
 
De hogere ziel kan volgens Aristoteles niet zonder de lagere bestaan.
De voedende plantenziel heeft de minerale wereld nodig om te kunnen leven, de plant neemt haar in zich op.
De dierlijke ziel omvat dus noodzakelijk de plantaardige ziel, voedt zich daarmee.
En de menselijk ziel omvat uiteindelijk de drie lagere wezensdelen.
 
Aristoteles zegt hiermee eveneens dat de drie lagere wezensdelen van de mens, het astraallicham, het etherlichaam en het stoffelijk lichaam overeenkomstig zijn aan de drie natuurrijken, resp. dierenrijk, plantenrijk en minerale rijk.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Reacties

Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Je Punt profiel
Hou mij op de hoogte
Ik wil op de hoogte gehouden worden
Dit is een verplicht veld
Lijst met albums
Beeldhouwers

Stijlen, vormen en materialen

Schilders

Stijlen, vormen en kleuren, materialen

Categorieën
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl